Zo bestaat er de mogelijkheid te wonen zonder energielasten en met de mogelijkheid om langer zelfstandig te blijven als de zorgvraag toeneemt. "Een combinatie van product- en procesinnovatie", stelt Hilbrand Katsma, Directeur Productie van Van Wijnen Noord.

Het Fijn Wonen-concept richt zich op twee pijlers: nul op de (energie)meter en langer thuis wonen. Nul op de meter wordt onder andere behaald door verregaande isolatie. Er wordt een schil om het huis geplaatst, waardoor het energieverlies vanuit de woning drastisch vermindert. Een aanpak die verder gaat dan reguliere isolatie. Door daarna de overstap te maken van gasgestookte installaties – die in veel huidige woningen te vinden zijn – naar een volledig elektrisch systeem, geeft dat de mogelijkheid om met het gebruik van zonnecollectoren in de energievraag te voorzien. De geplaatste systemen zijn allemaal zo energiezuinig mogelijk. Belangrijk is bijvoorbeeld de toepassing van efficiënte warmtepompen voor verwarmingswater en het tapwater.

Maar niet alleen de installaties zijn van belang voor de lage energievraag, benadrukt Katsma. Ook het gebruikersgedrag is van grote invloed. Bewoners kunnen dit zelf monitoren op een tablet en worden met tips gecoacht in hun energiegebruik. En dat blijkt een gunstig effect te hebben. “Mensen zien op het dashboard wat de verschillende apparaten doen. Zo zag een dame bijvoorbeeld dat haar wat oude droger en het plaatje van haar koffiezetapparaat bijzonder veel energie verbruikten. De zeshonderd euro die zij desondanks terug kreeg door de energiezuinigheid van de woning heeft ze opzij gezet voor vervanging van de apparaten. Mensen raken geïnteresseerd in het verbruik en veranderen hun gedrag. We merken veel enthousiasme.”

De combinatie van gedrag, energiecoaching en technologie zal de komende jaren nog betere prestaties opleveren, voorspelt Katsma. De technologische ontwikkeling gaat voort, waardoor het rendement van zonnecollectoren en warmtepompen steeds groter wordt. En ook de kostprijs zal verder zakken als er op grotere schaal wordt geproduceerd.

Passende zorg

Het Fijn Wonen-concept is geschikt voor jong en oud, maar het accent ligt op faciliteiten die ervoor zorgen dat mensen langer zelfstandig kunnen wonen. “De overheid trekt zich steeds meer terug en laat meer aan de mensen zelf over. Daar wilden we een oplossing vinden”, legt Katsma uit. “Uit onderzoek blijkt ook dat het voor mensen het plezierigst is als zij in hun oude omgeving kunnen blijven wonen als ze een zorgindicatie krijgen.”

De oplossing is gevonden in de vorm van flexibele units met zorgtoepassingen die aan een woning gekoppeld kunnen worden op het moment dat er vraag naar is. Bijvoorbeeld een- of tweepersoons units voor slapen en een badkamer voor minder validen. Daarnaast speelt ook domotica – huiselijke elektronica – een belangrijke rol. Door communicatie-oplossingen te verwerken in de woning is het bijvoorbeeld mogelijk om zorg op afstand te kunnen krijgen.

Buiten het gegeven dat de kwaliteit van leven toeneemt, maakt de flexibiliteit de woningen duurzamer en toekomstbestendiger, meent Katsma. In traditionele situaties worden huizen soms dermate aangepast dat er veel herstelwerkzaamheden nodig zijn wanneer diegene zijn huis verlaat.

Prestaties garanderen

Om de kwaliteit van de woningen te garanderen, is er gekozen om met prestatiecontracten te werken. Dat werkt anders en gaat verder dan fabrieksgarantie. De prestaties van alle toepassingen in de woning worden voor vijfentwintig jaar gegarandeerd op basis van een gemiddelde ruimtetemperatuur en het aantal liters tapwater. Hiervoor zijn onderhoudscontracten afgesloten.

“Op het moment dat je een belofte doet, moet je het comfort en de prestaties durven borgen”, stelt Katsma. “Daarop hebben we ook de selectie van de verschillende toepassingen gebaseerd. De technische levensduur daarvan rijmt met de contractduur.” Deze aanpak betekent een langere betrokkenheid van leveranciers, want ook na oplevering houden zij zich intensief bezig met een gebouw. “We richten ons veel meer op gebruik dan op de bouw alleen”, aldus Katsma.

Co-makers

Om het woonconcept tot uitvoer te brengen wordt intensief samengewerkt tussen de partijen die de verschillende onderdelen leveren. “Het concept is ontleend aan de onderdelen die de prestaties moeten leveren. Bij die onderdelen hebben we passende co-makers gezocht, waar we langdurig mee samenwerken”, schetst Katsma.

Kenmerkend is volgens hem dat de kennis die verschillende partners opdoen weer de keten in wordt gestuurd, zodat er gezamenlijk geïnnoveerd kan worden. Om die reden worden de gebouwgebonden prestaties en het eerder genoemde gebruikersgedrag goed gemonitord. “Zo kunnen we het concept steeds verder bijstellen. Het is voortdurend in ontwikkeling.”

Voorbeeldwoning

Anderhalf jaar geleden is er een prototype opgeleverd in het Friese Gorredijk. Een woning uit de jaren 60 is helemaal verbouwd volgens het Fijn Wonen-concept. Daarmee voldoet het weer volledig aan de wensen van deze tijd, meent Katsma. De woning fungeert als inspiratiehuis waar mensen kunnen proeven van het concept en waar mogelijk kunnen helpen om het resultaat verder te verfijnen.

Het staat symbool voor het grote aantal woningen van enkele decennia geleden, die omwille van de energieprestaties hoognodig op de schop moesten. Maar, benadrukt Katsma, er is niet alleen interesse in oplossingen voor bestaande bouw. Ook de vraag naar duurzame nieuwbouw is volgens hem groot. En dat is maar goed ook, want ons land loopt flink achter op de (CO2-)besparingsopgave. Katsma ziet in ieder geval kans om twee vliegen in één klap te slaan: én duurzaam wonen, én passende zorg. “De oplossingen zijn er al. Nu is het de kwestie om ze proactiever in te zetten.”