Dat maakt dat onder andere logistiek, techniek en e-commerce drijvende factoren zijn geworden, stelt Agnes Franzen, directeur Stichting Kennis Gebiedsontwikkeling en Universitair Docent gebiedsontwikkeling aan de TU Delft. “Een tijd lang was beleving het steekwoord, maar daar zijn betrokkenheid en keuzevrijheid bijgekomen”, zegt Franzen. “Mensen willen herkenbare verhalen horen en invloed hebben op wat er in hun omgeving gebeurt.” Evenals in het uitgaansleven, ziet ze binnen retail parallellen met de groeiende belangstelling voor evenementen ontstaan. Festival Place, een winkelcentrum bij het Britse Basingstoke, is een goed voorbeeld. Zo beschikt het gebied over food courts, winkelgelegenheden, een bioscoop en plaats voor muziek en theater. Franzen: “Het gaat erom dat je verschillende typen mensen aanspreekt met één gebied. Dat kan door ondernemers een actieve rol te laten vervullen.” Ze vult daarbij aan dat een digitale component niet meer kan ontbreken. Bijvoorbeeld een community die mensen niet alleen direct over activiteiten in een bepaald gebied informeert, maar ze ook op andere manieren samenbrengt. “Festival Place heeft bijvoorbeeld een fysieke en digitale omgeving waar vraag en aanbod van werk in de omgeving elkaar kunnen vinden. Het belangrijkste is dat je mensen betrekt bij de buurt.”
Mensen bij de buurt betrekken blijkt vanwege de vergrijzing ook bij uitstek interessant voor oudere doelgroepen. Kleinere wijk en winkelcentra kunnen zich met het oog op de vergrijzing bijvoorbeeld gerichte winkels en zorgverleners samenbrengen. De kern van gebiedsontwikkeling is een samenhangende aanpak. “Recent onderzoek toont aan dat het voor de gezondheid van ouderen belangrijk is dat ze naar buiten gaan. Ze hoeven niet alle zorg thuis te krijgen”, aldus Franzen.

Bandbreedte in plaats van hokjes

Het anders inrichten van winkelgebieden vraagt om andere opstelling van de overheid. Behalve het initiatief nemen, dient de overheid vooral ook te faciliteren. Franzen verwijst naar Roosendaal waar de binnenstad herontwikkeld is op initiatief van ondernemers. Samen hebben de partijen bekeken welke wensen er spelen bij bezoekers. Het brengt Franzen bij een belangrijk punt: goed met onzekerheden om kunnen gaan en kansen pakken. Als voorbeeld de gemeente Delft. Lange tijd werkte zij voor de binnenstad met een bestemmingsplan op basis van hokjes. Tegenwoordig zijn de gebieden verdeeld in sfeeromgevingen. Er is meer overloop mogelijk tussen gebieden,de regels zijn aangepast. “Er is een bandbreedte, die flexibiliteit biedt voor de hoeveelheid horeca en winkels er in een gebied. Loopt een bepaalde omgeving tegen een grens aan, dan wordt overlegd met betrokkenen of er behoefte is aan de plannen die op tafel liggen. Minder strikt dus dan een lijstje met absolute getallen naast een gebied houden.”